Klimaat in de stad

Tussenrapportage Dialoogproject Klimaat in de stad, mei 2010. Uit het programma Klimaat voor Ruimte, teksten over gemeentelijke klimaatprojecten in samenwerking met Vincent Kuypers van Alterra.

Klimaat-in-de-stad

Download pdf: Klimaat in de stad

Inhoud:

  1. Inleiding
  2. Dialoogprojecten Klimaat in de stad: Dordrecht / Wielwijk, sterk en weerbaar; Utrecht / Structuurvisie Rijnenburg; Amsterdam / Samenwerken aan een klimaatvriendelijke stad
  3. Overige projecten: Rotterdam / Rotterdam Climate Initiative; Haarlemmermeer / Bouwen met water; Stadsregio Arnhem Nijmegen / Future Cities

Inleiding

Er zijn heel veel redenen om bij de aanpak van de klimaatverandering en de gevolgen daarvan te beginnen met de stad. Om te beginnen leeft meer dan de helft van de wereldbevolking in de steden, voor Nederland is dat zelfs 82 procent1. De uitstoot van de broeikasgassen die de klimaatverandering veroorzaken is er hoog, terwijl de door de klimaatverandering te verwachten extreme regenbui of hittegolf er grote fysieke, sociale en economische gevolgen hebben. Tijd dus om de dialoog aan te gaan met de gemeente om van klimaatkennis klimaatkunde te maken.

Stad is verzameling lokale veranderingen en ontwikkelingen

De urgentie om in steden iets aan de klimaatverandering te doen, is hoog. Veel gemeenten in Nederland zijn dan ook al bezig om klimaatprogramma’s te ontwikkelen, ambities vast te leggen en projecten te realiseren. Het dialoogproject Klimaat in de stad is als onderdeel van het onderzoeksprogramma Klimaat voor Ruimte opgezet om te onderzoeken welke klimaatkennis relevant is voor Nederlandse steden, welke kennis ontbreekt en hoe die kennis landt in de stedelijke omgeving. Met diverse gemeenten en organisaties en bedrijven die werken in die stedelijke context is de dialoog aangegaan voor dat onderzoek.

De keuze om binnen dit project de dialoog aan te gaan tussen wetenschap, beleid en praktijk is niet toevallig. De klimaatverandering is in de geschiedenis van de stadsontwikkeling namelijk geen apart probleem, maar een probleem bovenop een hele verzameling – lokale – fysiek geografische veranderingen en sociaal economische ontwikkelingen. De stad is in feite een strakke mal waarin zowel de mitigatie als adaptatie geïntegreerd moeten worden, als de klimaatverandering er al niet voor zorgt dat de mal uiteenbarst. De stad is de zeer specifieke omgeving, waarin allerlei lokale, fysieke, hydrologische, ecologische, stedenbouwkundige, demografische, economische, politieke en sociale ontwikkelingen samenvallen. De klimaatverandering maakt daar hoe dan ook deel van uit. De stad is een integrale leefomgeving waarin zowel de gevolgen van als de maatregelen voor de klimaatverandering praktijk worden.

Wetenschap, beleid en integrale praktijk

Het is al langer duidelijk dat de werelden van de klimaatwetenschap en het klimaatbeleid niet echt aansluiten op deze integrale praktijk van de stedelijke leefomgeving. Binnen de wetenschap is de stad als klimaatsysteem nauwelijks onderzocht. Er zijn in Nederland zelfs nauwelijks metingen gedaan in de stedelijke omgeving. Zo is pas met dit project begonnen met metingen aan het al in 1818 door een Londense amateurmeteoroloog beschreven Urban Heat Island Effect. De gedachte is dat de stenige en weinig groene en waterrijke binnensteden een hitte-eiland zijn, waar ’s nachts de temperatuur in warme perioden wel tot tien graden Celsius hoger kan zijn. De klimaatwetenschap is ook nogal fundamenteel gericht op meteorologische, fysische en hydrologische aspecten en daarbinnen is weinig aandacht voor de koppeling van sociaal economische ontwikkelingen en klimaatverandering als inbreng voor een integrale klimaatbestendige oplossing. Er bestaat zelfs nog geen overeenstemming over het begrip ‘klimaatbestendig’.

Ook het klimaatbeleid staat in zijn algemeenheid relatief ver van de dagelijkse praktijk van de stad, al moet daarbij aangetekend worden dat veel Nederlandse gemeenten zeer druk bezig zijn met de ontwikkeling van klimaatbeleid. Het landelijke klimaatbeleid gaat vooral over mitigatie, het terugbrengen van de uitstoot van broeikasgassen in Nederland als geheel, en de adaptatie van het Nederlandse landschap in termen van kustbescherming, compartimentering, overloopgebieden en waterbergingslocaties. Gemeenten doen mee in de meestal op energiebezuiniging en duurzame energie gerichte maatregelen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen, maar er is nog veel lokaal onderzoek nodig om te onderzoeken hoe dat het meest effectief vormgegeven kan worden. Datzelfde geldt voor de adaptieve maatregelen die gemeenten onderzoeken om te zorgen dat de stad in de toekomst klimaatbestendig is.

Samen zoeken naar geschikte instrumenten

Er zijn wel instrumenten beschikbaar die gemeenten kunnen helpen in hun zoektocht naar de meest effectieve manier om maatregelen voor mitigatie en adaptatie te combineren met stedelijke en sociaal economische ontwikkeling, maar ook die sluiten nauwelijks aan bij de praktijk van de stad. Neem bijvoorbeeld instrumenten als de Nationale Adaptatiescan van de ingenieursbureaus BuildDesk en Tauw en de Klimaatwijzer van het ministerie van VROM. De adaptatiescan is een instrument daarmee steden, provincies of waterschappen gebiedsgericht in een database kunnen zoeken naar de bekende effecten van klimaatverandering en de maatregelen daartegen. Hiermee is het Provinciaal Omgevingsplan van Provincie Groningen getoetst en zijn delen van gemeente Hoogeveen geanalyseerd. De Klimaatwijzer is een instrument waarmee vooral provincies kunnen toetsen of er voldoende adaptieve maatregelen genomen zijn voor allerlei effecten van de klimaatverandering, zoals de zeespiegelstijging. Provincie Zuid-Holland heeft daar een eerste uitwerking van gemaakt, waaruit vier ‘signaalkaarten’ kwamen die dienen als basis voor de provinciale structuurvisie.

In de stad staan echter niet het klimaat en de klimaatverandering centraal, maar sociaal economische aspecten als het leefklimaat en het vestigingsklimaat. Steden kampen met achterstandswijken, verloedering, gezondheidskwesties als obesitas, onvoldoende recreatiemogelijkheden, fijn stof en verontreinigde lucht en nog veel meer kwesties die direct van invloed zijn op het dagelijkse leven van de stedelingen die in de stad wonen, werken en recreëren. Het veranderende klimaat en de gevolgen daarvan zijn in dat perspectief geen centraal probleem, maar eerder een bijkomend probleem, dat een ander perspectief geeft op de manier waarop bestaande en toekomstige stedelijke ontwikkelingen passen binnen de te nemen maatregelen. Het zoeken naar kansen voor waterberging, het realiseren van duurzame energie, het aanpassen van de beplanting voor schaduwwerking en waterberging, de hele zoektocht naar een klimaatbestendige stad, gaan altijd samen met sociaal economische kwesties.

Het zal duidelijk zijn dat de vragen om kennis over klimaatverandering vanuit stedelijke gemeenten dan ook niet specifiek gericht zijn op klimaatkennis. Het zijn veelal integrale vraagstukken, waarmee gemeenten kampen: van nieuwe ontwerpconcepten voor het combineren van waterberging met woningbouw tot het aanplanten van bomen en struiken voor zowel het oplossen van het binnenstedelijk hitte-effect en het afvangen van fijn stof, van een toetsbaar klimaatbestendig en duurzaam masterplan voor een nieuwbouwwijk tot een complete gemeentelijke strategie om burgers bewust te maken van de aanpassingen die de stad nodig heeft voor een klimaatbestendige toekomst. De aanpak van de klimaatverandering in de stad vergt nieuwe vormen van stedenbouw, het noopt tot het aangaan van nieuwe allianties, en het zet aan tot innovatieve combinaties van functies en stedenbouwkundige maatregelen.

Dialoogproject Klimaat in de stad

Wat leert u in deze brochure over klimaat en de stad? Allereerst dat het nodig is om de kennis die aanwezig is over het klimaat en de klimaatverandering om te zetten in kunde die vereist is om in steden tot integrale oplossingen te komen. Er worden in deze brochure zes praktijkvoorbeelden uitgelicht. Deze laten zien dat de oplossingen voor een klimaatbestendige stad altijd lokaal en specifiek zijn, en dat maatregelen in de stad altijd ingebed moeten zijn in de stedelijke cultuur en de bijbehorende gemeentelijke beleidscultuur. Uit de voorbeelden blijkt ook dat de praktijk nieuwe vragen oproept, vragen die lang niet altijd op het niveau van de stad een antwoord vinden, vragen die om antwoord vragen van rijk, provincie, waterschap of wetenschap. Het dialoogproject Klimaat in de stad is in die zin niet alleen een onderzoeksproject dat kijkt hoe kennis gebruikt wordt, maar ook een project dat nieuw onderzoek agendeert. Vanuit de praktijk en de kunde in de stad.

Deze brochure is een eerste publicatie over de resultaten van het dialoogproject Klimaat in de stad. De teksten in de brochure geven dan ook geen compleet of wetenschappelijk verantwoord beeld van het onderzoek, maar wel een eerste indicatie van de uitkomsten daarvan. Aan het einde van dit jaar verwachten we een uitgebreid en diepgaand boek te publiceren, waarin de vele manieren waarop de klimaatkennis in de stad wordt toegepast en de ontwikkeling van klimaatkunde opnieuw onder uw aandacht gebracht zullen worden. Dit boek zal wetenschappelijke essays en een meer diepgaande beschrijving van de processen in de diverse voorbeeldprojecten bevatten. Deze brochure laat echter al zien wat de grote achterliggende ideeën zijn. Ter inspiratie.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.