Liever samenwerking dan subsidie

/
Het Nationale Monumentencongres op 13 november 2014 stond in het teken van ondernemen met monumenten. Wijze lessen zijn te trekken uit de praktijk van onorthodoxe ondernemers in krimpgebieden. Die zoeken niet naar subsidies, maar naar samenwerking die past bij hun gevoel.

Delai Sam-stedenbouw

/
Delai Sam' betekent 'doe het zelf' in het Russisch. En volgens de auteurs van het boek We Own the City is dat precies wat er gebeurt: overal ter wereld nemen bewoners van steden het heft in handen, van kleinschalige buurtprojecten tot grootschalige stedelijke hervormingen. In het boek laten ze zien hoe de traditionele, top-down stedenbouw en -planning hiermee omgaan. We Own the City is een bijzonder boek, omdat het niet alleen voorbeelden bevat van doe het zelf-stedenbouw uit steden die wel vaker als voorbeeld voor de stedelijke participatiesamenleving worden gezien, zoals New York en Amsterdam, maar ook uit steden die te maken hebben met een minder op participatie ingestelde samenleving, zoals Moskou en Hong Kong.

Sociaal-ecologische systemen tegenhanger voor rewilding

/
Vroeger was het heel normaal om graasdieren te houden in weides met lichte bebossing, blijkt uit het boek European Wood-Pastures in Transition. Ook nu nog zijn daar overal in Europa voorbeelden van te zien: de Duitse Hudewalden en Weidefelden, de Spaanse Dehesas, de Portugese Montado, de mediterrane Matorral, de Baltische Lövängar, de Shibljak­ in de Balkan en rond de Zwarte Zee, maar ook begraasde boomgaarden of met jeneverbes begroeide heideterreinen. Zowel de weides zelf als de bebossing werd door mensen gebruikt, via een type landgebruik dat nu in de discussie rondom landbouw en voedselzekerheid weer opgang doet als 'ecologische intensivering'. Deze term wordt echter vaak alleen gebruikt voor boeren in bijvoorbeeld Zuid-Amerika, die graasdieren combineren met groentetuinen, fruitbomen en extensieve koffie- en chocoladeteelt in robuuste landbouwsystemen voor de lokale en de wereldmarkt.

Heeft een Europees landbouwbeleid wel zin?

/
Het Europese landbouwbeleid valt overal in Europa anders uit. Dat bleek tijdens een conferentie met landschapsonderzoekers. In Zweden is het niet belangrijk, Oostenrijk gaat zijn eigen gang, en in Vlaanderen lijken boeren te kunnen profiteren van de vergroening van het nieuwe beleid. De vraag doet zich voor of zo'n generiek beleid voor al die zo sterk van elkaar verschillende landen wel zin heeft.

Commandopolitiek voor duurzaamheid

/
"Kijk maar op Wikipedia." Dat was het antwoord wat minister Stef Blok voor Wonen en Rijksdienst in mei 2013 gaf op de vraag van PVV-Kamerlid Machiel de Graaf wat zijn definitie was van duurzaamheid. Het is een tekenend maar ook wrang voorbeeld dat Cobouw-journalist Thomas van Belzen in de inleiding tot zijn boek Duurzaamheidsoorlog gebruikt om aan te geven hoe makkelijk de overheid op dit moment over het duurzaamheidsthema denkt. Blijkbaar hoef je duurzaamheid niet te definiëren; dat laat je aan de experts aan, aan de duurzame bouwers en stedenbouwers.

Identiteit van de Haarlemmermeer

/
59,8 kilometer lang is de Ringvaart rondom de Haarlemmermeer, althans, volgens de snelwandelaar die een 'patatje of zeven' verbrandde in de voor hem zo'n acht uur durende wandeltocht. Herman Vuijsje nam er meer tijd voor, en dat leverde een boek op over een anoniem water dat bepalend lijkt te zijn voor de identiteit van de Haarlemmermeer. "De Ringvaart is een stille kracht die behoedt en verbindt maar nergens nadrukkelijk de aandacht opeist", schrijft Vuijsje. Hij liep samen met fotografe Marian van de Veen-van Rijk door de 21 kernen langs de Ringvaart, die samen met Schiphol en Hoofddorp de Haarlemmermeer vormen.

56 jaar landschapsarchitectuur

/
Leren kijken is de levensfilosofie van Meto Vroom, blijkt uit het boek over de Wageningse tuin- en landschapsarchitectuur dat de voormalig hoogleraar onlangs publiceerde. In het boek presenteert Vroom een geschiedenis van die Wageningse stroming die naadloos aansluit bij zijn eigen carrière die werd en wordt gekenmerkt door een niet aflatende nieuwsgierigheid naar nieuwe zienswijzen op het vakgebied. Dat begint als hij in 1948 gaat studeren in Wageningen, onder hoogleraar Bijhouwer die de tuin- en landschapsarchitectuur nadrukkelijk samen in het curriculum wilde, tot zijn interesse in recente ontwerpen aan nieuwigheden als energielandschappen tot ver na zijn emeritaat in 1994.