Erfgoedsector en watersector slaan handen ineen

“Waterschappen hebben nog veel koudwatervrees als het gaat om cultuurhistorie”, stelde Harriët Bosman van Waterschap Hunze en Aa’s tijdens de kennisbijeenkomst over cultuurhistorie, archeologie en waterbeheer, die op 24 november bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed werd georganiseerd. Daar bleek dat waterbeheerders erfgoed nu vaak nog als last ervaren, terwijl voor hen juist een middel kan zijn om tot betere plannen en draagvlak te komen.

Blog voor de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed op Wie maakt Nederland?

Terwijl in de middag cultuurhistorici, archeologen en waterbeheerders ervaringen uitwisselden over erfgoed en waterbeheer, sloten in de ochtend van 24 november RCE en de Stichting Toegepast Onderzoek Waterbeheer (Stowa) een samenwerkingsovereenkomst om waterbeheerders over de koudwatervrees heen te helpen. “Daarmee willen we het erfgoed meer op het netvlies krijgen, maar dan vanuit de optiek van het waterbeheer”, vertelde Bas van der Wal van Stowa. De erfgoedsector en de watersector willen gezamenlijk onderzoek en kennis bundelen in handreikingen en andere publicaties, die waterbeheerders praktische handvatten moeten leveren in de omgang met cultuurhistorische elementen en bodemsporen.

Verhaal van de beek

Waterbeheerders komen op allerlei momenten en op talloze plekken in aanraking met cultuurhistorie, zowel archeologische resten als monumenten, traditionele watersystemen en het historische landschap waar dit allemaal deel van uitmaakt. Tijdens de kennisbijeenkomst werden drie casussen behandeld, waarbij zowel erfgoeddeskundigen als waterbeheerders vanuit hun eigen perspectief over de samenwerking vertelden: voormalig eiland Schokland, het baggeren van de Amsterdamse grachten en het herstel van de Tungelroyse Beek. Ondertussen bleek dat Nederland een waterland is met tal van bijzondere watermolensystemen, stuwschaduwen, vloeiweiden, sluizen, stuwen, overloopvijvers, kwelkades, compartimenteringsdijkjes, enzovoorts, die we met misschien gedeeltelijk opnieuw kunnen benutten om de hedendaagse en toekomstige waterproblemen op te lossen.

Waterbeheerders zagen wel de meerwaarde van al die cultuurhistorie. Zo vertelde Twan van Dijk van Waterschap Peel en Maasvallei hoe het beekherstel van de Tungelroyse Beek zorgde dat de tot dan toe onzichtbare archeologie langs de beek weer zichtbaar werd. Er werd een reconstructie gebouwd van een Romeinse brug op de plek waar die ooit lag, er kwam een kunstwerk op de plek waar prehistorische resten waren gevonden van een edelhert, en er werden wandel- en fietsroutes aangelegd. Zo werd de cultuurhistorie gebruikt om het verhaal van de beek te vertellen.

Werelderfgoed is miniatuur

Toch is erfgoed voor waterbeheerders vaak niet het belangrijkste voor een waterbeheerder. Zo is het werelderfgoed van Schokland voor Waterschap Zuiderzeeland een ‘miniatuur op de schaal van de Noordoostpolder’, vertelde waterschapper Erik Delman. De bodem op Schokland zakt, en omdat tegen te gaan is een plan bedacht om op zo’n honderdveertig hectare landbouwgrond nieuwe natuur te ontwikkelen met een hoger waterpeil. Dat is ook positief voor het behoud van de archeologische resten die nu dreigen te verteren door een te hoog grondwaterpeil, vertelde Guido Mauro van de RCE.

De natte cultuurhistorie van het oude eiland is nog zichtbaar.

Het kerkje op het voormalige eiland Schokland.

Die archeologie is lastig voor een waterbeheerder, vertelde Delman. “Je gaat iets beschermen dat ondergronds ligt. Bovendien komt die archeologie er bij naast de vele andere belangen, zoals natuur, landbouw, veiligheid, enzovoorts”. In de praktijk spreken de archeologen vaak ook een wat andere taal dan de waterbeheerders. “Als archeologen het over het grondwaterpeil hebben, bedoelen ze het laagste waterpeil, terwijl waterbeheerders daarmee doelen op het gemiddelde grondwaterpeil.”

Collectief beheer

De vraag is ook wat erfgoed is, welke cultuurhistorie de moeite waard is om te bewaren, en welke middelen er zijn waarmee waterbeheerders dat kunnen bepalen. Luc Jehee van de provincie Overijssel vertelde over het beekherstel in de hoge zandgronden. “Hierbij wordt vaak de topografische atlas uit 1850 gebruikt om te bepalen of een waterloop natuurlijk was.” Veel cultuurhistorici hebben ook bezwaar tegen het woord ‘natuurlijk’ als het gaat om de Nederlandse beken, want veel daarvan zijn door mensenhand gemaakt.

De natte cultuurhistorie van het oude eiland is nog zichtbaar.

De natte cultuurhistorie van het oude eiland is nog zichtbaar.

Waterbeheerders kunnen volgens Jehee veel leren van de geschiedenis. Hij vertelde over het beekherstel in Noord-Twente, zoals de Regge en de Dinkel, waar boeren in de vijftiende eeuw al een collectief beekbeheer organiseerden. Nu willen de boeren opnieuw zo’n collectief beheer organiseren, maar de waterbouwkundige situatie is wel veranderd. De afvoer is zeven à acht keer zo groot, en het duurt nu negen uur voordat het water van de Duitse grens in de IJssel stroomt, terwijl dat in 1847 nog meer dan zestien dagen duurde.

Archeologische honger

Archeologen mogen zelf ook wel wat meer moeite doen, stelde archeoloog Jan Roymans van Raap Advies, die onderzoek deed aan de Tungelroyse Beek. “Archeologie moet meer zijn dat het verzadigen van de archeologische honger. Je moet kijken hoe je archeologie kunt gebruiken om een hogere omgevingskwaliteit te verkrijgen en de mensen erbij te betrekken.”

Henk Baas, hoofd Landschap van de RCE, vatte het aan het einde van de dag treffend samen. “We praten heel vaak over dezelfde dingen vanuit een verschillend perspectief. De samenwerking met de waterbeheerders past in een hele trits aan samenwerkingsovereenkomsten die we al sloten met natuurorganisaties. Natuurbeheerders weten inmiddels wel wat cultuurhistorie is, die hoeven we daar niets over te vertellen. Dat gaan we nu ook met de waterbeheerders doen. We gaan een netwerk ontwikkelen met werkplaatsen voor cultuurhistorici en waterbeheerders, we gaan het veld in, en willen hierbij ook de gemeenten en de provincies betrekken.”

www.waterbeheererfgoed.nl

De samenwerking begint al eerste praktische zaken op te leveren. Op de kennisbijeenkomst presenteerde Guido Ritskes van het SIKB de website www.waterbeheererfgoed.nl die een basis gaat vormen voor de kennisuitwisseling tussen archeologen, historisch geografen, andere erfgoeddeskundigen en waterbeheerders. Zo krijgen waterbeheerders via een opeenvolging van vragen antwoord op de vraag wat ze moeten met archeologie en erfgoed in projecten.

Er is ook al een eerste handreiking gepubliceerd. Bas van der Wal van Stowa vertelde op de kennismiddag kort wat over het Handboek geomorfologisch beekherstel [http://www.stowa.nl/Upload/publicatie2014/2015-2_lowres.pdf], dat aansluit bij de wensen die bestaan in de wereld van beekherstel. De gekozen invalshoek biedt inzicht op de ‘aderen van het landschap’ én levert inspiratie voor ‘natuurlijk gevormde’ herstelprojecten. Inhoudelijk sluit dit goed aan op het voornemen om dit ook voor de cultuurhistorie van beekdalen te doen.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.